Bergrede

.

Hij die mensen zag
Als schapen
Hen onderrichtte en genas
Een onuitputtelijke goedheid gaf
Waarop de aarde nu nog draait
een scheve as

Voor wie geloven wil, een berg
Hoeft niets te weten
Zeker immers is het zijn
Aanvaard het water bij de wijn
Geschonken uit Zijn mond, die rein
Gevuld met bloed en vlas

Wees nederig van rede
Verlaat je vingers om het eigen hart
Poog Zijn lippen vol parolen
Bezie het blauw der hemel, dolen
Op een dag, die smart
Waarmee de aard van ieder ding
Zich niet meer laat vermalen
Zing, een ander woord voor hoop
is berg

Nu bijna dood
Dien ik op, mijn merg
aan jou
Gezwicht voor trouw
In een gedicht
Dit is mijn binnenste gezicht:
Het is voor later, eindelijk vrij
Als jij nog bent en ik voorbij

Anna Appels