Over dat

je streelde
met een bijna
achteloos gebaar
mijn wang

terwijl jij
in zinnenlange
monologen tegen
de wereld sprak

je mening gaf
over van alles
en natuurlijk
over dat

jouw visie
warm belichtend
hopend op
mijn zwichten

nooit raak
jij uitgepraat
over de liefde
van een kant

maar die strelende
hand heeft mij toch
de das omgedaan
ben met je meegegaan