nieuwe inkt

toen de inkt zijn ogen zwart maakte scheur-
de hij zijn woorden aan haar flarden en zonk
zij in de diepte van zijn tranenzee - maar
geen ach geen wee - hij jutterde alle stran-

den af en schreef overal haar naam in het
zand tot ook haar zilte vloed alles wegspoel-
de en het zeezout weer gewonnen werd en
uiteindelijk op zijn zacht gekookte sonnetten

belandde - dan lispelde hij haar naam in dui-
zend andere woorden die zij las en herlas en
zij de kompassienaald van haar nimmer slui-

merende ogen richtte naar het gespleten
woordendicht waar de glans van het sterren-
licht zijn wolkendek nieuwe inkt aanvoerde

pieter c