Neuroot op de Wadden 013
3500676450_82e411e83e.jpg
3762053634_be153d1ac1.jpg

Vandaag bestaat de ruimtevaart officieel 50 jaar. Op 4 oktober 1957 verliet het eerste – door mensenhanden gemaakte – object de dampkring.
Het was de Russische satelliet Spoetnik. De Amerikanen waren not amused dat de Russen hen voor waren geweest, maar eigenlijk was het geen Amerikaanse of Russische kwestie; het was een Duitse kwestie. De Duitsers waren namelijk het eerste volk dat zich serieus met ruimtevaart bezighield. Hun V1- & V2-raketten waren er in feite de voorboden van.
Toen Duitsland verslagen was zochten de Duitse raketgeleerden na de Tweede Wereldoorlog hun heil in Rusland & Amerika.
Terwijl de Russische Spoetnik opsteeg sloeg een Amerikaanse legerofficier woedend met zijn vuist op tafel: ‘We’ve got the wrong Germans!’
Dat er met de Duitsers die de Amerikanen ‘gekregen’ hadden niet zo heel veel mis was bewezen ze 10 jaar later toen ze de Amerikanen als eerste op de maan hielpen…
Of we hier op Terschelling de goede of de verkeerde Duitsers hebben, daar ben ik nog niet uit, maar veel zijn het er wel. Of je nu in de supermarkt staat of op het strand loopt: Duitsers, Duitsers en nog ‘ns Duitsers. Het begon al op de boot, afgelopen zaterdag. Bij het aanmeren in West-Terschelling wurmde ik me langs een vrouw om de zware tas die op mijn fiets balanceerde veilig te stellen. De dame in kwestie keek mij nukkig aan. Ze dacht zeker dat ik voor wilde kruipen. Ik legde haar uit wáárom ik haar voorbij gestiefeld was. Ze keek me vragend aan. Ik waagde een nieuwe poging, inmiddels had ik spijt dat ik er überhaupt aan begonnen was. Weer die wazige blik. Hulpeloos wees ik op mijn tas en haalde mijn schouders op.
Zij schouderde op haar beurt en zei: ‘Wie bitte?’
‘Schon gut,’ zei ik en fietste haastig weg.

Zelfs op onze eenzame wandeltochten komen we ze tegen.
We zijn nog maar nét begonnen aan de rode paaltjesroute vanaf Midsland-Noord of de twijfel over de te volgen route slaat weer eens toe. Volgens de routepaaltjes én de kaart moeten we links, maar rechts is een breed aangeprezen uitkijkpunt.
‘Misschien komen we er later op de route nog langs?’ opper ik, maar dat blijkt niet uit de kaart.
Omdat we tóch nieuwsgierig zijn naar het uitzicht klimmen we eerst maar even naar het uitkijkpunt. Vlak voor ons zeulen twee jongens een krat Heineken bier de steile trap op. Boven aangekomen blijkt dat ze niet alleen zijn. Er hangt een groep van een stuk of acht jongeren rond op de top. Duitsers. Geheel het vooroordeel bevestigend proberen ze in sneltreinvaart het zojuist bovengebrachte kratje leeg te drinken.
‘Hé’, merk ik op, ‘hierboven staat óók een rood paaltje!’ We verdiepen ons weer in de kaart, maar we komen er niet uit, want dit uitkijkpunt staat er natuurlijk niet op. Het zekere voor het onzekere nemend dalen we af langs dezelfde kant als waar we naar boven kwamen.
Beneden aangekomen passeren we de fietsen, boodschappen en de reserve voorraad bier - drie kratten - van de Duitse jongens. Ze kunnen dus nog even vooruit.
We vervolgen de paaltjesroute. Krap 100 meter verder krijgen we de fietsen, boodschappen en de kratten bier weer in het vizier. Met een ruime bocht zijn we weer op precies dezelfde plek aangekomen en moeten opnieuw het duin op, naar het uitkijkpunt.
Normaal gesproken is zo’n stomme fout al vervelend, maar met getuigen is het helemaal beschamend. Met gebogen hoofd betreden we voor de tweede keer binnen 10 minuten de top.
Eén van de Duitse jongens kijkt verschrikt op.
Hij loert met een angstige blik naar zijn flesje, vervolgens weer naar ons. Ik zie 'm denken: Bier drinken op de vroege middag mag dan stoer zijn, dubbelzien is dat niet.
Zeker niet met een vertraging van 10 minuten.
Hij vermant zich en giet zijn flesje resoluut uit op de grond.
Gerustgesteld vervolgen we onze weg.
We hebben dus tóch de goede Duitsers…