Met donker afgevlakt

ik heb de wolken
niet geschoren
dat deed de wind
in onderkanten plat
met donker afgevlakt

mijn macht reikt niet
over dag en nacht
weet van de schemering
was al vroeg het kind
van iedere rekening

speelde tussen
zwart en wit
wist van geen wijken
grijzen zag ik niet
zij hadden geen gezicht

het naamloos land
van gaan en komen
voedde al mijn dromen
in het halfleven
tussen goot en dood

in wakker worden
ben ik uitgestapt
zag eindelijk weer de zon
soms kijk ik angstig terug
naar waar het allemaal begon