Meneer Vagestein

Meneer Vagestein presenteert

Het was een druk congres. Overal mensen, vooral mannen overigens, in bedrijfskleding: zwarte pakken met stropdas, en af en toe een blauw mantelpakje met zwarte naaldhakschoenen. Een druk gekakel bij de koffietafels.
Meneer Vagestein liep langs de massa mensen.
“Zo, het is druk hier. Toch niet verwacht. Dat je denkt, dat heb ik weer”, mompelde hij.
Hij liep naar de grote congreszaal waar hij zich ging voorbereiden op de presentatie. Een behulpzame conciërge leidde hem naar voren in de zaal, boven op het podium. Meneer Vagestein klapte zijn laptop open en zette deze aan. Het beamersnoer werd aangesloten tussen de laptop en de beamer, het beeld begon langzaam op te komen.
“Eens even kijken of alles goed werkt. In relatie tot de presentatie.” sprak hij zacht voor zich uit.
Alles leek goed te functioneren, het beeld was prachtig.
“Dat je denkt, hé, dat gaat bij mij dan wel weer wel goed. Blijkbaar geen last van de wet van Murphy.” fluisterde meneer Vagestein van zich af.
“Zei u wat, meneer?” vroeg de conciërge.
“Nee, hoor. Ik praat wel vaker binnensmonds. Ten aanzien van spreken, dan.” zei meneer Vagestein.
Inmiddels liepen de congresdeelnemers de grote zaal binnen. Iedereen nam plaats in de pluche stoelen.
De congresvoorzitter liep het podium op en kondigde meneer Vagestein aan. Het publiek klapte daarna kort. Op het scherm stond groot in beeld: VERANDERING.
“Dames en heren, welkom. Ik ben blij dat u allen bent gekomen. Het is tijd voor verandering. Ik kan het, u kunt het ook, wij kunnen het met zijn allen.” startte meneer Vagestein zijn presentatie.
Op de tweede slide stond groot: IK, JIJ en WIJ. JIJ KUNT HET OOK!
“U met zijn allen, moet een stukje in de actiestand komen. Natuurlijk, voor iedereen is het duidelijk als je wilt veranderen, je hebt dan last van een stukje drempel. Maar een verandering geeft je wel een pallet aan mogelijkheden. Dan denk je, hé, daar heb ik wat aan.” ging hij verder.
De zaal zat stil te luisteren. Blijkbaar waren ze geboeid.
“Maar de hoofdvraag bij verandering is: wie doet nu wat, en wie zit nu waar in het proces?” zei meneer Vagestein met nadruk en hij keek straf de zaal in.
Hij klikte de volgende sheet weer door, de vierde sheet verscheen met de bekende foto van Einstein, met zijn tong uit zijn mond.
Als een idee op het eerste gezicht niet absurd is, dan is er geen hoop voor.
Albert Einstein 1879-1955

“Herkennen jullie dat?” vroeg hij terwijl hij naar de rand van het podium liep.
Veel congresbezoekers knikten ferm, als teken van bevestiging. Een aantal begonnen zelfs voorzichtig te klappen.
“Het heeft mij jaren gekost om daar achter te komen. Ik zit al een jaar of twintig in deze business, dus ik kan wel spreken van ervaring. En hoe lang heeft u gekost?” vroeg meneer Vagestein aan iemand op de eerste rij. Hij wees de persoon aan.
“Nou, ik ben zelf ook al een jaar of vijf er mee bezig.” zei de man in streepjespak.
“Hoort u het? Deze meneer is al vijf jaar bezig. En bent u al echt veranderd?” vroeg meneer Vagestein.
“Nou, wel aardig al, maar nog niet voldoende, naar mijn mening” zei de man op de eerste rij in de microfoon.
“Klopt.” zei meneer Vagestein. “Het kost tijd om een verandering een plekje te geven. Het kan toch niet zo zijn dat je zegt: ‘het is mijn ding niet’. Mensen, het gaat tenslotte om verandering. Het gaat niet zomaar ergens over. Het gaat om verandering!”
Zo ging het een uur door.
Uiteindelijk sloot meneer Vagestein de presentatie af:” Ik hoop dat jullie weg gaan en denken: Hé, daar heb ik wat aan gehad. In relatie tot verandering, bedoel ik dan. Dat je geen last meer hebt van een stukje drempel of een pakket weerstand. Veranderen mensen, het begint bij jijzelf!”
Tenslotte toverde meneer Vagestein zijn laatste sheet op het scherm met een foto van de filosoof Schopenhauer:
Slechts verandering is eeuwig, voortdurend, onsterfelijk.
Arthur Schopenhauer 1788-1860

Iedereen applaudisseerde, en hij boog licht.
De congresdeelnemers liepen naar buiten.
Hij klapte zijn laptop op, stopte die in zijn computertas en verliet de grote congreszaal.
Meneer Vagestein liep langs de massa deelnemers en ving het volgende nog net op, voordat hij naar buiten liep.
“Begreep je er wat van?” vroeg de ene.
“Helemaal niets. Wat een vaag verhaal. Super wazig taalgebruik, zeg.”
“Eens, maar het heeft me wel een goed gevoel gegeven. Het gaat tenslotte om het leerproces, met al die mensen in de zaal.”
Meneer Vagestein vond het niet zo erg, hij verdiende er goed aan.

  • Wees zo vriendelijk om op elkaars werk te reageren. Reageren is eenvoudig. Klik op ‘discuss’ onderaan deze pagina en geef vervolgens je mening.
  • Je kunt ook een stem op bijdragen uitbrengen. Klik daarvoor op ‘rate’ onderaan deze pagina en druk op het plusteken + om een positieve stem uit te brengen.
  • Als je je werk wilt terugvinden op deze site, plaats dan een paar tags. Minimaal: je naam en wat het is, bijvoorbeeld: Jan Pietersen gedicht.