Lizzie's Verhaal 92

‘De ziekte van Crohn,’ herhaalde ik. ‘Dat is geen pretje voor die jongen. Jullie zijn dus in een ziekenhuis geweest of naar een specialist.’
‘Precies.’ Piet keek me op een eigenaardige manier aan. ‘Ik denk dat jij mij dankbaar zou zijn geweest als Jordan wat had gemankeerd en ik met jou was meegeweest.’
Er verscheen een grijs waas voor mijn ogen, maar ik wilde het niet wegvegen. ‘Reken maar,’ zei ik. ‘Dan kun je alle steun gebruiken.'
Piet knikte. Hij keek me nog steeds zo raar aan. Hij nam een slok van zijn borrel. ‘Is je net niet iets opgevallen?’
Ik staarde hem dom aan. Of mij iets was opgevallen? Ik probeerde onze conversatie terug te roepen. Hij had verteld dat de zoon van Linda ziek was en had iets uitgelegd wat daar de gevolgen van waren.
‘Niets. Wat is er dan bijzonder?’
Piet lachte kort. ‘Dit was een gemene vraag. Wat zou je ook moeten opvallen? Als ik het je niet vertel, zal het nog lang duren voordat je het weet.
Nou ging hij vertellen dat Linda zijn vriendin was. Dat kon niet anders. Hij had zich met haar uitgesloofd bij ziekenhuizen en doktoren. Ze wisten inmiddels waar ze aan toe waren en hadden plannen gemaakt.
‘Voor ik wát weet?’
‘Je weet dat ik veel om je geef?’
Ik kreeg een raar gevoel in mijn buik. Zie je wel. Nu kreeg je dat gesodemieter! Hij had moeten kiezen tussen financial control en mij. En dat gedonder met die zoon had hun band hechter gemaakt. Tussen mij en Piet kon het definitief nooit meer wat worden.
‘Ja…’ bracht ik uit. ‘Natuurlijk weet ik dat!’

Wordt vervolgd

Cor Snijders