Lizzie's Verhaal 42

De eerste dagen zonder Lies voelden raar aan. Dat berghok uitruimen wilde ik nog niet. Het bleef een raar gezicht dat iemand hier had gewoond. Zelfs Jordan miste haar al had hij haar nooit Lies genoemd, maar ‘mevrouw’. Ik kreeg het druk met mijn columns, die waren in de tijd van Lies erg kort en ze kwam er veel in voor. Nu ze uit beeld was kon ik mijn aandacht op andere dingen richten. Er bleken winkels genoeg in de stad die ik onder vuur mocht nemen.
Ik sprak Piet en vertelde hem dat Jordan en ik Lies best misten, maar dat we haar niet lastig wilden vallen met onverwachte bezoekjes, dat Lies moest leren op zichzelf te zijn.
‘Je hebt goed werk gedaan,’ vond hij. ‘Nu moet je haar blijven loslaten. Er komt vanzelf een moment dat je weer contact krijgt.’
Hij rookte zijn sjekkie midden in de Hoofdstraat, blies keurig de rook naar links, die naar rechts woei, zodat ik onbedoeld toch de geur van tabak en die scherpe rook proefde. Ik zei er niets van, hij kon het niet helpen.
Ik boekte wat succesjes met de winkels die ik bezocht en die ik genadeloos bekritiseerde. Soms zat er echt een leuke winkel bij en raakte ik in gesprek met een gedreven ondernemer die me spannende verhalen vertelde over hoe hij bijzondere artikelen zijn assortiment had weten te krijgen. Na twee en een halve week trof ik Lies bij de ingang van de supermarkt.

Wordt vervolgd

Cor Snijders