Lachjes krulden

geuren prikkelden
stemmen rumoerden
jij zat daar aan
het tafeltje in een
zee van stille rust

zacht kabbelden
woorden over het blad
sierlijke handen
ritueelden verbanden
van lief samen zijn

lachjes krulden
verborgen met
onuitgesproken plezier
in het uur zonder zorgen
door aangenaam vertier

plots vlaagde de wind
kwamen uniformen dichtbij
klonk er paniek in
luid geschreeuwde bevelen
sloop chaos ijskoud voorbij

in opluchting haalde
ieder zacht adem
keerde de stemming terug
maar de rust was gedaan
hoogste tijd om naar huis te gaan