Kredietcrisis, is het eigenlijk wel zo ernstig?

De media lijken te hongeren naar vette nieuwtjes. De kredietcrisis in Amerika was meteen hot news, maar in kranten en actualiteitenprogramma’s werd benadrukt dat Amerika dan wel diep in de problemen mocht zitten, Nederland zou er weinig last van hebben. Heel Europa zou er weinig last van hebben. Er zou geen economische crisis van komen. En toen?

Wouter Bos gaat ons redden?

Kort daarna werd de toon van de media een beetje anders. Er verschenen berichten over banken in Europa die alle vertrouwen in elkaar en in de economie verloren hadden. Ze wilden elkaar geen geld meer lenen of ze konden elkaar niet meer terug betalen. Sommige banken, zoals in IJsland, sloten prompt hun deuren of kregen financiële injecties van regeringen. In Nederland gaat het ook niet goed met verschillende banken. Burgers die hun geld op die banken hadden staan, zitten in onzekerheid over hun geld. In Nederland was minister van financien Wouter Bos al snel het lieverdje van het publiek, want hij was de jongen die met een gouden glimlach op zijn gezicht het grote geld uitdeelde. Hij was de jongen die mensen en bedrijven geruststelde, hij stelde een miljardje hier en een miljardje daar ter beschikking aan banken die het moeilijk hebben of hij beloofde een financiele oplossing aan burgers die gedupeerd waren. Als het aan Wouter Bos ligt redt hij Nederland in zijn eentje van de recessie.

De Nederlandse economie is nu nog gezond

De Nederlandse economie is echter nog steeds gezond. Er is geen werkloosheid en er zijn geen grote tekorten. Salarissen kunnen gewoon betaald worden en de consument geeft nog gewoon zijn geld uit. Toch heeft de recessie in Amerika wel degelijk invloed op Europese landen. Het gevolg daarvan is dat men over het algemeen het vertrouwen verliest in de gezonde economie, Juist door dat verlies van vertrouwen, kan het slechter gaan met de economie. Men gaat minder geld uitgeven. Banken verlenen minder graag grote leningen voor het geval het misgaat. Bedrijven zullen in elk geval wat zuiniger gaan omspringen met het aannemen van nieuw personeel, omdat personeel duur is en het nog maar de vraag is of het bedrijf voldoende winst zal behalen om het personeel in dienst te houden. Eventueel tekort aan arbeidskrachten zullen ze waarschijnlijk oplossen door personeel te laten overwerken. De consument gaat ook consuminderen. Grote uitgaven, zoals het kopen van huizen en auto’s, nemen af. Als mensen minder kopen, zal het steeds wat slechter gaan met de economie omdat banen en bedrijven dan op de tocht komen te staan. Huizen die niet verkocht worden zijn slecht voor de huizenmarkt dus huizen worden daardoor minder waard. Daarom kan het als een kaartenhuis achteruit gaan met de economie.

Wat moet je doen om een economische crisis te voorkomen?

Het probleem niet groter maken dan het is. We kunnen ons geld op de banken in elk geval niet veilig stellen als het werkelijk mis zou gaan, dus je geld oppotten is zinloos. Ook is je geld thuis niet veilig omdat het geld minder waard wordt als het echt fout zou gaan met de economie. Geld wordt meer waard als het uitgegeven wordt. Het beste is het dus om je geld wel uit te geven. De economie vaart er wel bij en daardoor blijft je inkomen zijn waarde behouden. Geld moet namelijk rollen!
De kans op een crisis als die van de jaren dertig van de vorige eeuw, is ongeveer 25%.

Dit is de bijdrage van Andreas Blender voor de schrijfopdracht non-fictie 1