Jeronimus 1

echt
aan de grond genageld staan
een nachtmerrie

Hij had ze nog zo gewaarschuwd: niet een hol graven in de wal
van de geweldige kuil. En nu zaten ze daar toch in hun holletje
naar hem te grijnzen. Duifjes in hun columbarium.
Hoofdschuddend sprong meneer Jeronimus
de kuil in en de wal bezweek.
Nog even bewogen
jongensmondjes
in het zand.

Hij wilde schreeuwen
maar kon geen schreeuw uitbrengen.
Hij wilde graven
maar armen en benen weigerden.