Jan Kal en ik, 1001 sonnetten, sonnet

Jan Kal schreef meer dan 1000 sonnetten
Wat bezield de man denkt u misschien
U treft er nog een bovendien
Want Jan kon mij met 1000 sonnetten niet beletten

Er 1001 te schrijven om mij aan hem te wetten
Al zullen geen van mijn verzen zijn ogen ooit zien
Daar ik geen grote dichter ben als Kal, dat kunt u zien
Ik hoop slechts dat hij het verneemt en het vervolgens niet kan zetten

Dat ik meer sonnetten schreef dan hij ooit deed
Ook dat ik er veel aan doe om mijn voorsprong op hem te behouden
Het is maar dat Jan Kal het weet

Dat ik een wedstrijd sonnetten schrijven met hem weet te houden
En ik het dus in elk geval qua aantal beter deed
Daarom zullen de mensen mij in plaats van Kal voorgoed onthouden

Andreas Blender