Jacqueline

Het was ongeveer midden augustus toen het mij voor het eerst opviel. Wilgje was toen net twee geworden. Eerst waren er maar die kleine details, het brabbelen tegen ‘iets’, spontaan lachen. Ik zocht er niet veel achter, kinderen worden nu eenmaal groot met veel fantasie. Neen, het is pas later dat ik merkte dat iets aan de hand was….

Het was een warme zomer dat jaar en het viel mij op dat, ondanks de grote waterschaarste in vele landen, hier in België de mensen toch kwistig waren met drinkwater. Auto’s wassen, waterballonnen, zwembaden, hier vloeide rijkelijk wat in andere landen vloeibaar goud was. We hadden net een huis gekocht. Met ‘we’ bedoel ik dus mijn vriend Mats en ik. Het was een mooie halfopen bebouwing in hoevestijl. Er was nog wat werk aan, maar voor de prijs dat we het hadden gekocht konden we het echt niet laten. Het huis had mooie witte muren, en aan de onderkant was een grote zwarte streep, dat de lengte van de muur volgde. Aan de ramen waren groene luiken bevestigd. Toen ik het huis voor het eerst zag, was het liefde op het eerste gezicht. Het was ook een rustige wijk, met op nog geen 500 meter een schattige wijkschool. De Haan stond bekend om zijn pittoreske huisjes en wij konden er vanaf heden eentje bewonen. Wilgje was inmiddels net twee geworden, dus kon zij in januari naar school gaan. Het leven zag er mooi en rooskleurig uit, tot ‘iets’ Wilgje haar aandacht trok.

Toen Mats op een avond lang moest werken, had ik onze dochter met een goed gevulde maag en propertjes gewassen in haar bedje gelegd. Met een liedje zong ik haar in een rustige slaap en sloop naar beneden om nog wat gezellig te lezen, ik was namelijk in de ban van het Stephen King verhaal ‘Carrie’. Ik liet onze hond,mister twist, buiten en zette de babyfoon op maximum. Vleide me neer in de zetel en begon aan het nieuwe hoofdstuk. Toen ik het krakende geluid van de babyfoon hoorde, ruste ik het boek even op mijn schoot en luisterde gespannen. Zou ze wakker geworden zijn door het geblaf van mister twist? En toen hoorde ik het, het gefluister van mijn eigen dochter, alsof ze antwoordde op vragen die ik niet gesteld hoorde worden. ‘mama is thuis’, hoorde ik haar met haar onschuldige kinderlijke stem zeggen. ‘papa werken, mama thuis’. Heel even dacht ik een tweede stem te horen, zanderig oud, maar heel zacht. Ik legde ogenblikkelijk het boek opzij en sprong uit de zetel. In mijn stuntelige poging om vlug recht te komen stootte ik mijn voet tegen de salontafel. Een pijnscheut werkte zijn weg omhoog naar mijn knie en ik snakte even naar adem. Het gekraak samen met de flarden van mijn dochters stem in de babyfoon bleven ondertussen verder gaan. Ik beet op mijn lip om te pijn te verdringen en liep naar haar kamer.

Ik opende voorzichtig de deur en zag haar rechtop zitten. Haar ogen wijd open, ze droomde niet, ze was gewoon wakker. Ik hoorde nog een soort gesis, die op het ogenblik dat ik in de kamer stapte verdween. Wilgje keek me aan, en ik kwam voorzichtig op haar afgewandeld. ‘lieverd?’, sprak ik haar aan met beverige stem. Ze keek naar me met haar grote blauwe ogen en begon heimelijk te lachen. ‘ik praten mama, ik praten met Jacqueline’ even versteef ik van angst. ‘met wie was jij aan het praten lieverd?’. ‘Jacqueline, ikke praten met Jacqueline”, antwoordde ze geamuseerd. Ik keek rond in de kamer mag zag niets. Je zou natuurlijk kunnen stellen dat het kind gewoon gedroomd heeft, en ik mij een tweede stem ingebeeld heb. Maar de rillingen die over mijn rug liepen vertelden mij iets anders. Ik liet Wilgje terug neerliggen en streek zacht over haar haren. ‘Toe grote meid van mij, nu moet je echt wel slapen’. Ze nam haar grote bruine knuffelkonijn bij zich en viel bijna onmiddellijk in slaap.

Toen Mats die avond thuiskwam en ik hem het voorval vertelde, bekeek hij mij met arendsogen. Ik zag zijn gezicht veranderen in een grote grijns en hij proestte het zowaar uit van het lachen. ‘Komaan Lily, het kind was gewoon aan het dromen, dat dromen komt trouwens uit jouw kant van de familie meid, je deed het zelf toen je kind was’. Hij had een punt, ik slaapwandelde als kind. Maar ik deed het omdat ik erg werd gepest. ’ S Nachts uitte zich dat door slaapwandelen en dromen. Bij Wilgje was van pesten geen sprake, het kind ging nog niet naar school en was omringd met de nodige liefde. Toen ik Mats er verder wou over aanspreken werd hij bits. ‘Kijk meid, ik ben net terug van hard labuur, ik neem een douche, eet een hapje en daarna ga ik slapen’. ‘Je beeld je vast wat in, je bent gewoon moe!’. Misschien had hij wel gelijk, ik sliep altijd zeer slecht. Ik poetste mijn tanden en ging slapen.

Het was ongeveer half één toen ik opeens uit mijn slaap werd gewekt. Ik opende mijn ogen en keek half versuft rond in de kamer. Ik hoorde weer dat soort zanderig gesis, het leek op zacht gefluister. Tot ik opeens bij ons raam iets zag. Ik sperde mijn ogen wijd open en onderdrukte een kreet. Vlakbij het raam stond het silhouet van een oude dame. Haar grijze haren kleurden zilver in het licht van de maan. Haar gezicht was bleek en ter hoogte van haar jukbeenderen zat een rode gloed. Ze keek me aan met priemende ogen, het leken wel zwarte kooltjes. Ze was gekleed in een strakke lange zwarte jurk, met een witte schort er bovenop. Mijn hart bonsde in mijn keel en ik leek verlamd. Ik hoorde in de verte de ademhaling van Mats, die doodop in slaap was gesukkeld. Nog half slapend schoot mijn brein me allerlei informatie toe, gaande van, dit is droom tot je bent knettergek. En toen kwam het in me op, de naam dat Wilgje zei toen ik bij haar op de kamer was. ‘Jacqueline?’. De verschijning die zo duidelijk te zien was vervaagde. Ik zag nog hoe ze haar wijsvinger tegen haar lippen drukte. ‘ssssstttttt’, het sissend geluid dat nog even bleef nazinderen tot de schim volledig was verdwenen…

Sinds die nacht heeft Wilgje nooit meer gesproken in haar slaap. Maar sinds die nacht heeft ze eigenlijk ook nooit meer gehuild toen ze moest gaan slapen. Toen ze aanstalten maakte om te beginnen huilen hoorde ik op de achtergrond steeds dat sissend geluid, alsof er over haar werd gewaakt en ze zacht werd getroost. Alsof Jacqueline er steeds weer was als een doorzichtige liefde, voelbaar aanwezig….

‘Sssslaapzacht, mijn kind’….