Iriserend IV

Deel 4: Vurig Oranje: Een psychose
(geur: bosbrand, smaak: ether, klank: meeuwengekrijs)

Overmoeidheid, sloten koffie en hard werken eisten hun tol.Of waren het de aardbeiën met ether, die ze gisteren tot zich nam? Heel af en toe, durfde ze wel eens te experimenteren met drugs. De gebruikelijke drugs? Niet haar stijl. Tijdens een werkje over “Openbare Zedenschennis” in de negentiende eeuw, stootte ze op dit gebruik. Het sprak haar aan en ooit wilde ze het zelf proberen. Gisteren was dus die dag. Sinds de breuk met Raun at en sliep ze ook niet meer.

Hoedanook, een akelig gevoel bekroop Iris. Het leek alsof een bizarre spookverschijning in haar nek ademde. Ongecontroleerd draaide ze zich om. Niets! Waar kwam die bevelende stem vandaan? In haar uitgeteerde lijf spanden de zenuwen zich op. Ze konden elk moment knappen. Het ijl gevoel in haar hersenen wees erop dat het mis ging. In paniek bracht ze de handen naar haar hoofd. Haar ledematen voelden gewichtsloos en een ondraaglijke lichtheid zich verspreidde over haar hele lijf. Beweging! Niets rondom haar leek stil te staan. Het viel het best te vergelijken met een rit op een dolgedraaide draaimolen.

Abrupt onderbrak ze haar dagelijkse wandeling. Koude overmande haar. Langzaam boog ze voorover. Verkrampt door vermoeidheid woog alles plots als lood. Ze trachtte haar vingers te openen, om die op haar knieën te zetten, maar stuitte op een enorme weerstand. Traag, stil, bewegingsloos, misselijk. Met grote moeite hield ze zich staande en beefde. “Hé, gaat het?” Toen ze opkeek stond een oudere man in stadskledij voor haar. Door haar verwilderde blik deinsde hij onmiddellijk achteruit en maakte zich snel uit de voeten.