Het korenbloemenblauw

ik wist jou er altijd
feilloos uit te pikken in het
schitterend korenbloemenblauw
bloeiend als een mooie vrouw

gazon en borders waren
jou wereldvreemd in hun saaie
ordening en burgerlijke schikking
zij zijn een plaag voor je geweest

jij zocht je eigen weg
in de hang naar koestering en zon
met vrijheid in het hete bloed
waardoor jij verder en steeds hoger klom

ooit zal ik jou weer tegen komen
vurig blauw in ons wilde bloemenbed
we zullen hemels laten zomeren
zoals in de schepping is voorzegd