Hans doet modern 004
3382280820_de10a25317.jpg
3381463695_913ca30e5e.jpg
3382280650_a76cd1edd3.jpg

Totnogtoe was de zomer grijs en nat. Om toch in een zomerse stemming te raken kocht ik een paar cd’s van de Beach Boys. Zee, zon & strand, al kon ik er enkel mijn oren mee voor de gek houden. Toeval of niet, de muziek van de Beach Boys werkte als een omgekeerde regendans. Ineens brak de langverwachte zomer aan.
Om het geluk compleet te maken sta ik de eerste zonnige dag op het strand van Wijk aan Zee.
De drukte valt mee, ondanks het hoogseizoen en het fantastische weer. Ik lig niet graag op een overvol strand. Ten eerste is de persoonlijke ruimte die ik wens nogal groot uitgevallen. Liefst een kilometer in het vierkant. Daarnaast voel ik me half ontkleed nooit op mijn gemak in het bijzijn van vreemde mensen. Ook niet in het bijzijn van bekende mensen, trouwens.
Mijn leven lang beschouw ik mijn lichaam enkel als een handig karretje om mijn brein op rond te rijden. Op zoveel jaren van verwaarlozing reageerde mijn lichaam zoals je verwachten mag. Ik ben niet bepaald een adonis. Ik houd dus altijd mijn T-shirt aan en ben pas zéér onlangs overgehaald tot de korte broek. Als je in mijn richting kijkt, doe dan even je zonnebril op; het wit kan verblindend werken.
Ondanks de betrekkelijke rust lopen er overal om ons heen Beach Boys en California Girls. Het lijken wel negers, zo bruin. En geen rimpeltje vet te bekennen. Tot mijn verbazing zie ik dat een zwembroek iemand ook goed kan staan…

Ik ben niet de enige die op het strand zijn ogen uitkijkt.
’s Avonds – als ik voor ons verblijf buiten zit te lezen – vang ik een gesprek tussen twee andere gasten op.
‘Het is onvoorstelbaar hoeveel vrouwen en meisjes er topless liggen aan het strand,’ merkt dame nummer één op.
‘O ja?’ reageert nummer twee.
‘Ja. Zou ik nooit doen hoor. Zoiets is toch privé…' Nummer één weer.
Bedenkelijk kauwt ze op haar maaltijd en vervolgt dan: ‘Er was ook een man die zijn vrouw moest insmeren. Nou zeg, die blééf maar smeren. Hij was voortdurend met haar borsten aan de gang. Deed-ie héél eventjes een stukje been en – hup – daar ging-ie weer naar die borsten. Een klein stukje arm en – hoppetee – opnieuw naar haar borsten. Het ging maar door… Hij blééf maar smeren met die borsten. Ik vond het onsmakelijk.’
‘Hou oud waren ze?’ wil nummer twee – nieuwsgierig geworden – weten.
‘Nou, al best oud, hoor. Vijftig, zestig…’
Er valt een drukkende stilte.
Hoewel ik vanaf mijn zitplaats alleen de ruggen van de dames kan zien is uit hun houding duidelijk afkeer te lezen.

In gedachten zie ik hem kneden.
Ik houd het beeld even voor ogen.
Brrr. De dames hebben gelijk. Een beetje onsmakelijk is het wel. Van dat ouwe, slappe, rimpelige vel…
Aan de andere kant, laat die man toch. We kunnen niet allemaal jonge gebruinde Beach Boys zijn.
En misschien mag-ie er het hele jaar niet aankomen en grijpt-ie op mooie, zonnige dagen zijn kans. Wie zou in zo’n geval meteen stoppen als de eigenlijke taak volbracht is?

Hij heeft waarschijnlijk nóg langer naar de zomer uitgekeken dan ik…