Geweld

(uit Meester en Leerling)

“Meester, laatst zag ik dat iemand een ander in het gezicht sloeg. Ik was erg ontdaan. Zomaar, voor geen enkele reden. Vindt u dat dat toegestaan is?” vroeg de leerling.
“Luister goed. Er zijn verschillende soorten ‘slaan’. Je kunt een spijker in de muur slaan of een munt slaan. De bedoeling is hiervan om middels een slag iets vast te zetten of te vormen. Het is ook mogelijk om een schaakstuk te slaan, met de bedoeling om dat van de tegenpartij weg te nemen.” ving de meester aan.
“Ik begrijp niet zo goed waar u naar toe wilt, meester.” merkte de leerling op.
“Als je iemand slaat zonder reden, dan neem je de ander zijn waardigheid weg. Als iemand geslagen wordt met reden, dan wordt er bij de ander wat gevormd.” ging de meester verder.
“Ja, maar dan nog. Je slaat iemand toch niet zomaar, ook al heb je een reden?” vroeg de leerling.
“Als mensen zodanig worden geslagen dat er verwondingen of schade ontstaat, dan wordt er gesproken van geweld.” legde de meester uit.
“Dat mag toch helemaal niet, meester?” vroeg de leerling verder.
“Volgens de afspraken tussen mensen hangt dat ervan af. Ik zal dat proberen uiteen te zetten. Je hebt psychisch en fysiek geweld. Je kunt iemand ook beschadigen door alleen met gewelddadige woorden iemand te verwonden.” legde de meester uit.
“Nou, dat begrijp ik.” zei de leerling. “Ik kan mijn medeleerling ook behoorlijk beledigen of kwetsen.”
“Juist. Dat is psychisch geweld. En zo heb je ook fysiek geweld.” wijdde de meester uit.
“Als ik een medeleerling zodanig sla dat hij verwond raakt. Bedoelt u dat?” vroeg de leerling.
“Juist, dat bedoel ik inderdaad. Soms wordt dat ook wel agressie genoemd. Maar laat ik mijn betoog vervolgen.” probeerde de meester duidelijk te maken.
“Gaat u gang.” kortte de leerling zijn reactie in.
“Geweld dat toegestaan wordt onder bepaalde voorwaarden of door groepen, wordt oorlog genoemd. Soms wordt dat ook wel oorlogsgeweld genoemd. Het geweld wordt dan zodanig gecoördineerd dat er veel schade bij mensen wordt veroorzaakt. Dat is dan een gewapende strijd tussen volkeren of staten of tegen een koninkrijk.” ging de meester verder.
“Maar meester, je kunt toch niet zomaar oorlog voeren met andere landen?” vroeg de leerling.
“Nee, dat klopt. Normaal is er vrede tussen volkeren of staten. Ze respecteren en waarderen elkaars bestaan. Als er geen respect meer is, of ze waarderen elkaar niet meer, dan is er een risico voor een oorlog.” legde de meester uit.
“Dus als landen of koninkrijken elkaar niet meer respecteren of waarderen, dan is er een kans voor gecoördineerd geweld, voor oorlog?” probeerde de leerling dit te herhalen.
“Je hebt het begrepen.” concludeerde de meester.
“Maar ik snap het verband toch nog niet helemaal met iemand slaan, want die vraag had ik u eerder gesteld: vindt u het toegestaan als je iemand zomaar slaat?” vroeg de leerling.
“Dat zal ik je proberen uit te leggen. Net zoals bij staten die elkaar niet respecteren of waarderen, heb je ook mensen die geen respect of waardering voor elkaar hebben. Net zoals bij landen ontstaat er dan mogelijk oorlogsgeweld, oftewel dat mensen elkaar zonder reden slaan. De kern zit dus in respect voor elkaar hebben en elkaar waarderen. Het is ook anders te formuleren: iemand in zijn waarde laten, en eerbied voor de ander hebben. ” legde de meester uit.
“Respect en waardering zijn begrippen die ik ken. Een soort gevoel van bewondering voor iemand en een gunstige beoordeling, nietwaar?” vroeg de leerling.
“Juist, mijn beste leerling. Je leert snel.” complimenteerde de meester.
“Het komt dus niet voor dat iemand een ander zomaar slaat, als hij er respect en waardering voor heeft?“ vroeg de leerling tenslotte.
“Je hebt het helemaal begrepen. Geen oorlog bij respect en waardering.” sloot de meester af.