Gestorven Goden, ware religie 12

Naarmate de wetenschap veel goden nutteloos heeft gemaakt, zijn er veel goden werkeloos geraakt. Je zou kunnen zeggen dat we veel goden gewoon niet meer nodig hebben. Goden verdwijnen als we ze niet meer nodig hebben. Wie heeft er een regengod of een godin van de vruchtbaarheid nodig als je weet dat regen niet door een regengod gemaakt wordt? En nu we eenmaal weten dat vruchtbaarheid en onvruchtbaarheid niet door een of andere godin geregeld wordt, hebben we ook geen godin van de vruchtbaarheid meer nodig. Duizenden goden die ooit met hart en ziel aanbeden werden, zijn als het ware een zachte dood gestorven omdat de wetenschap ze werkeloos heeft gemaakt of omdat aanhangers van een geloof verdwenen zijn. Aanhangers van bepaalde religies gaan op in andere religies door middel van bekering, of volkeren sterven uit, waardoor hun goden ook uitsterven. De goden hebben achteraf gezien, nooit echt bestaan.

Is er een leven na de dood?

Die vraag is misschien al zo oud als de mensheid. Is er een leven voor de dood? Ja. Is er een leven na de dood? Ach, als er een leven voor de dood is, waarom zou er dan geen leven na de dood kunnen zijn? Veel dingen die we niet verklaren kunnen, worden nog steeds aan hogere machten toegeschreven. De eenvoudige levensvraag: is er een leven na de dood? Kunnen we, indien we geloven dat er een leven na dit leven is, gemakkelijk koppelen aan een onzichtbare goddelijke leider die ons straks in dat hiernamaals alles haarfijn gaat uitleggen en die ons zal belonen met rust en troost en vrede en een beter leven na onze aardse sterfelijkheid. Aan de andere kant kun je je afvragen waarom geloof in een hiernamaals speciaal aan een god (een leider) gekoppeld zou moeten worden en of dit niet puur voortkomt uit onze biologische aanleg om leiders te kiezen, te adoreren en te vrezen. Het opvallendste aan (bijvoorbeeld de christelijke) god is misschien nog wel dat hij zo sterk op een menselijke almachtige heerser lijkt. Iemand die totale macht heeft en die straft en beloont zoals het hem uitkomt. Hij zit op een troon, heeft ontelbare dienaren, welvaart en rijkdom, en hij beschikt over leven en dood. Hij maakte alle leven maar werd zelf niet gemaakt. In het boek Genesis toont hij zich een god die heel snel chagrijnig is. Een appel van een boom plukken en ervan eten, leidt al tot verschrikkelijke straf. God keert zich meteen van zijn eigen schepping 'de mens' af. Alhoewel mensen dat tot op de dag van vandaag nog leren en aannemen, gaan de christenen van nu er vanuit dat god een veel verdraagzamer mannetje is dan de god uit de bijbel. Naarmate christenen anders zijn gaan denken, is God ook met zijn tijd meegegaan. Een appel eten van een verboden boom dat mocht toen misschien niet, en echtbreken daar stond vroeger de doodstraf op, maar daar zit god tegenwoordig echt niet lang meer mee hoor. God vergeeft steeds meer, ook wat hij volgens de bijbel niet vergeeft.

Goden, wat zijn het?

Goden zijn mannen of vrouwen die ergens in de lucht wonen. Ze hebben ons gemaakt maar laten zich verder niet aan ons zien. Ze verwachten van ons dat we in hun bestaan geloven, en zo niet, dan zwaait er wat. Ze kijken de hele dag over onze schouders mee om in de gaten te houden wat we zoal uitvoeren. Ze houden precies bij wat we doen en aan het einde van ons leven zullen ze ons belonen of straffen voor ons gedrag. De tien geboden van de christelijke god, worden door vrijwel elk mens wel eens overtreden. Ieder mens maakt fouten, dus iedereen krijgt blijkbaar straf. De straffen van goden zijn niet mild: eeuwige dood, eeuwige brandwonden, eeuwige martelingen, martelwerktuigen en eeuwige wreedheden… God, die van ons houdt, blijkt een sadist.

De beloning voor die enkeling die zich correct gedragen heeft, zijn: een beter leven dan het leven op aarde, een hemels of een aards paradijs, veelwijverij, veel eten en veel drinken, onsterfelijkheid, en vrede. Bovendien zijn alle vijanden uitgeroeid door god, wat ook mooi meegenomen is.