Gegoten brons

zusters luiden
het gegoten brons
de tweelingklokken
delen tijd en plaats
zover als hun
geluiden gaan

nooit heeft er
een ontbroken
onderhoud bleek ook
synchroon te lopen
bij calamiteiten is er
het eigen luidvermogen

ze verschillen
heel subtiel van
galmen en geluid
als de een wat
ingetogen is klatert de
ander vrolijk en voluit

toch droeft het
gebengel en juist
in de verste dalen
rollen de donkerste
tonen dun diepste
herinneringen uit

pas als de zon
geschenen heeft
de dag zijn einde neemt
keert stilte de balans
in samen verder gaan
missen we weer een hand