Geen ruines

wij kenden het spel
van eb en vloed
met zand en de golven

bouwden de dijkjes
wisten bij voorbaat
dat water er over heen slaat

begonnen weer zonder
woorden opnieuw
maar iets verder weg

er waren geen ruïnes
het strand bleef intact alsof
ons plezier geen geschiedenis had

we zagen in schuim
hun overwinningslach op
zand van maagdelijke pracht