Een doorzichtige lach

er golft water
speels en traag
onder eeuwig
spiegelend blauw

ik schep
met mijn hand
een doorzichtige
lach als innige band

die je pas ziet
in het verdromen
van beelden die
mee zijn gekomen

langzaam sijpel
ik weg zonder een
woord te hebben gezegd
in de scene van scheiden

ik kijk niet om
maar het nat van
mijn schaduw droogt
op de donkere grond