De hoedster

ik wist dat
jij de hoedster was
van vele goudgerande
schapenwolkjes

dat deze volkjes
het blauw als
leefgebied hebben
geadopteerd

samen met hun vriend
de wind die blind
vaart op wat jouw handen
hem hebben geleerd

jij opent in
het ochtendrood
waar de wol nog bol
staat van de warme nacht

pas als de zon
zich na de klim weer
hoger in de horizon
bevindt is de kudde paraat

jij met lach en
herdersstaf laat wind
de wolken breken zodat
de schaapjes kunnen eten