Cursus elektrische fiets maken, vervolg

Gisteren moest ik met mijn fiets naar de fietsenmaker. Ik kon doen wat ik wilde, het ding wilde niet meer starten. De fietsenmaker wierp een blik op het vervoermiddel.
‘Dit ding is uit de tijd, meneer.’
‘Absoluut niet. Ik rijd er nog elke dag op.’
‘U kunt beter een brommer kopen.’
‘Zeker niet. Ik zweer bij mijn fiets. Kunt u hem maken of niet?’
De fietsenmaker wierp blikken.
‘Ja of nee,’ hield ik aan. ‘Ik wil wel een antwoord. Het is niet niks. En ik zal er goed voor betalen.’
‘Een brommer zou beter zijn,’ hield de fietsenmaker aan.
‘U wilt het ding niet repareren. U denkt alleen maar aan verkopen!’
‘Er zit roest op, het frame is scheef, het ding verslijt banden, het is niets.’
Ik draaide me om. ‘Meneer, u bent een vod. Ik vraag of u het ding wilt repareren. U geeft geen antwoord. Ik ga wel naar de concurrentie.’
De fietsenmaker haalde zijn schouders op. ‘Moet u vooral doen.’
Ik beende weg. Fietsenmakers! Dit was een exemplaar. Ik ging hem aanklagen bij de bond. Ik zou hem! Had ik een fiets, verrekte die kerel het ook maar er een blik op te werpen.
Drie straten verderop zat een andere fietsenmaker.
‘Kunt u mijn fiets repareren?’ vroeg ik monter.
Hij wierp er niet eens een blik op. ‘’t Is niks meneer. Koop maar een brommer.’
‘Wat hebben jullie fietsenmakers toch!’ viel ik uit.
Hij hoefde niet na te denken. ‘We hebben de fiets verbannen. Brommers willen we verkopen. Ik heb hier trouwens nog een mooie staan.’
Ik liep kwaad de zaak uit en besloot direct een cursus fietsenmaken te gaan volgen, want fietsenmakers! Ze hebben nergens meer zin in. Na die cursus ging ik het ding zelf wel maken.

Cor Snijders
F4 vervolg