Belgische Franken
3215056910_d216fddf30_m.jpg
3215038232_e4161d6e44_m.jpg

Laat ik er maar ronduit voor uit komen: Ik ben niet blij met de euro.
Nou zijn een heleboel mensen dat niet, maar ik was er al zwaar op tegen toen de euro alleen nog maar op papier bestond. Wat moesten we met een Europese munt? De Nederlandsche gulden was mij goed genoeg.
Een dergelijke mening kwam me indertijd te staan op het predikaat zeurkous. Tegen de vooruitgang. Ouderwets. Afvoeren.
Ik zal hier niet betweterig gaan lopen roepen van ‘zie je nou wel’, maar het argument wat destijds door veel mensen vóór de euro werd gebruikt is uiterst stompzinnig: ‘Handig, als je op vakantie bent. Hoef je nooit meer om te rekenen.’
Nee, in plaats daarvan ben ik elke dág van het jaar aan het omrekenen… Dat zal er wel nooit meer afgaan.
Maar één klein lichtpuntje is er. Het omrekenen van Euro’s naar guldens is betrekkelijk eenvoudig. Dat had ook veel ingewikkelder uit kunnen vallen.

Omstreeks 1990 was ik met mijn toenmalige vriendin op vakantie in België.
Het was onze eerste vakantiedag en we hadden vlak voor vertrek 200 guldens gewisseld voor ruwweg 4.000 Belgische franken. De koers kon dus vastgesteld worden door het bedrag in Belgische franken te delen door 20, of door het bedrag te vermenigvuldigen met vijf en de komma twee plaatsen naar links op te schuiven. Simpel. Ware het niet dat ik niet zo’n rekenwonder ben en het beheersen van het trucje nog niet wil zeggen dat het systeem doorziet.
We liepen door een pittoresk Ardenner dorpje en mijn immer speurend oog zag in een witgoed winkel een bak singletjes staan. Op vinyl. Ook al zo’n product dat uit het collectieve geheugen verdwenen is.
Ik liep opgewonden de winkel in, want ik ben muziekverzamelaar in hart en nieren. Bij nadere beschouwing vielen de singles tegen. Modern spul. Naar mijn smaak, tenminste.
‘Is het wat?’ vroeg Esther.
‘Ligt eraan wat ze kosten,’ zei ik. Er zaten wel wat leuke plaatjes tussen en zo te zien waren ze in nieuwstaat.
Esther – die al mijn contacten met de boze buitenwereld regelde omdat ik dat toen zelf nog niet durfde – ging het meteen even navragen. Even later was ze terug: 25 BFR. Eens zien, 25 gedeeld door 20, dat was nog te doen: Eén gulden en een beetje.
Hé, dat viel me mee! Ik begon in de bakken te grasduinen en had al snel een handvol singles bij elkaar. Wat hadden we hier? Nothing compares 2 U van Sinead O’Conner? Geinig. Ik legde zelfs twee plaatjes van Simply Red op het stapeltje, muziek waar ik helemaal niets mee heb, maar Esther vond dat zulke leuke muziek, en ach, voor een piekkie.
Vijftien singletjes later schoof ik naar de kassa. De witgoedverkoper keek verheugd. Hij telde de boel bij elkaar op, noemde het bedrag en ik rekende af.
Buiten gekomen, waar Esther - die het wachten zat was geworden - in de zon zat vroeg ik me hardop af waarom ik van mijn briefje van 2.000 Frank maar zo verdacht weinig had terug gekregen. Dat kon niet kloppen!
Esther nam resoluut het wisselgeld van me over en ging terug de winkel in. Ik zag haar door de enorme etalageramen praten met de verkoper. Zo te zien verliep het niet amicaal. Ze begonnen beiden steeds wilder te gebaren.
Ik ging er maar eens achteraan. Binnengekomen bleek Esther inmiddels op volle oorlogssterkte, maar de verkoper gaf geen krimp. In stilte bewonderde ik de man om zijn moed, al paste ik er wel voor op dat niet te laten merken.
Het liet zich aanzien dat er geen compromis in zat, dus mengde ik me noodgedwongen in de discussie: ‘Wat kosten die singles per stuk?’
‘Honderdvijfentwintig frank!’ riep de man.
‘Hónderdvijfentwintig frank?! Per stuk?’ Even duizelde het me.
Ik rekende dat de stukken er vanaf vlogen. Dit keer omhoog. 125 x 5 = 625. 6 gulden 25 per stuk! Dit waren dus gewoon nieuwe singletjes! Zes gulden vijfentwintig! Voor Simply Red! En ik haatte Simply Red.
Esther gaf de niet meteen op. ‘U zei: “Vijfentwintig frank”.
‘Nooit van mijn leven! Dat zijn gloednieuwe singles. Die kostten 125 frank, overal, dus ook hier!’ zei de man verontwaardigd, door zijn accent klonk het allemaal een stuk minder agressief.
‘U zei 25!,’ hield mijn standvastige vriendin vol.
‘Kan ik ze terug doen?’ bemoeide ik me er weer mee, ‘Ik dacht dat het tweedehands plaatjes waren. 125 BFR is vér boven mijn budget. Ik ben student en bovendien artiest.’
‘Oh nee,’ sprak de Belg beslist, ‘kopen is kopen, Dat zou proper worden.’
‘Maar, ik heb er nog niets mee kunnen doen, ik ben niet voor uw winkel weggeweest. Het is een misverstand…’
Tevergeefs. Belgen zijn dol op Engels: ‘All sales are final!’
Nou ja, ik begreep het wel. Die man zat al jaren bovenop zijn voorraadje onverkoopbare singles. Hij was blij dat-ie er eindelijk een paar kon lozen. Terugnemen? Knappe jongen die de centen terugkreeg.
We gaven het op.
Buiten plofte ik ontmoedigd op een bankje neer.
Bijna honderd gulden armer, en vijftien moderne prul-singles rijker, die op slag al hun charme hadden verloren. Die twee van Simply Red staken me nog het meest.
Ik was in ene klap door al mijn muziekgeld heen. De rest van mijn spaarcenten had ik nodig voor de camping en het levensonderhoud. En we waren nog maar nét begonnen.
Dit werden twee lange, lange vakantieweken.

Ik kocht die vakantie nog één cd’tje met Amerikaanse garagerock uit de 60-er jaren en toen was de koek op. Om er toch nog wat van te maken nam ik thuis de vijftien singles over op een cassettebandje (weer zo’n uitgestorven product). Het enige wat er nog ontbrak was een pakkende naam voor deze compilatie. Witgoed? Belgische franken? All sales are final?
Nee, het werd: Very Expensive.
Esther kon daarmee niet lachen.
Die dacht dat ik met haar voeten speelde…